|
Waar komt de naam "STELLOP HOEVE" vandaan?
Vroeger werden percelen grond (ook weiland)
door de boeren met namen aangeduid om preciezer te kunnen
aangeven op welke akker de verschillende activiteiten ontplooid
moesten worden, zoals ploegen, eggen, zaaien, maaien, scheuren
en bemesten, enz.
Zo'n naam prijkt o.a. op het huis van Rien op
't Hoog (Hoge Laren) aan de Oirschotseweg. Om en nabij de plek,
waar Oirschotseweg 50 nu staat, was destijds de boerderij met de
dubbele deur. Voor de naamgeving zou dit betrekking kunnen
hebben op de "gastvrijheid, de deuren open zetten voor de
gasten".
Bekend is verder de naam Land de Katerstraat
(de Kaoterstraot), zoals die nog bij de ouderen in de
herinnering voorleeft. Men kan er verder weinig mee. Jammer is,
dat de overzijde wél een toepasselijke naam aan een perceel
gegeven was, maar ja, dit perceel ligt "verkeerd". Het betrof
namelijk het Steeke. Steek heeft aan verwantschap met Stek en
het is voor vakantiegangers enorm belangrijk een goede stek
gevonden te hebben. (Het Steeke was in eigendom bij Noud en
Anneke Vriens).
Verder werden namen gevonden als de
Geweerakker (Gewéér-ékker), de familie Roozen kende nogal wat
jagers in hun familie. Het Kalverwike, waarbij de aanduiding
Kalverwaaike veelvuldig voorkwam. De hoeve welke eertijds op de
plek stond werd de Stellop Hoeve (ook wel de Stéél-op-Hoeve
genoemd). De boerderij was omzoomd door hoge populieren en de
takken van de populieren groeide schuin, rechtop langs de stam
naar boven (steil omhoog = steel op).
Andere namen die ter plekke voorkwamen,
waarbij direct vermeld moet worden dat niet precies is aan te
geven op welke locatie de akkers lagen, zijn: Plas-akker (Plaas
ékker), de Meeuw-akker (Meuw ékker), Dries Ome Waai en de
Weversdries.
Mogelijk kan Wim op 't Hoog, Heikent 1a
jullie wat verder op dreef helpen.
Veel scucces met het vinden van een
toepasselijke naam.
|